Heromission

Het is al geleden van in juli, maar toch vind ik dat die ervaring meegedeeld moet worden. (Het is namelijk één van de liefste daden dat mijn vriend voor me gedaan heeft).
We zijn gesitueerd in het zwin, ik was zoals iedere dag me krom aan het ergeren aan het ledenwerven van Natuurpunt. (de reacties van de mensen zijn niet altijd even leuk). Evenals het wachten op de co-werker irriteerde me. Eindelijk arriveerde hij. Ik kon met de bakfiets naar boven rijden, richting de haas. Een hele klim vanaf de internationale dijk. Ik reed en ik reed en ik besefte dat ik me amuseerde, omdat een tocht naar boven betekende dat ik daar mijn liefje terug zag. Ik was verbaasd dat ik de tocht naar boven kon uithouden, want door het wachten op de collega had ik nog niets kunnen eten.
Eindelijk was ik boven geraakt. Ik zag een felgroene doos heen en weer lopen, alsook een donkergroen t-shirt met daarin een persoon die de buurt ‘onveilig’ maakte.
Aha, hij zag me aankomen. Ik zette de fiets waar we de fiets altijd moeten zetten, midden in de weg zodat mensen er met een boog omheen moeten fietsen. Ik zette me op de grond, maar ik voelde me niet lekker. Al de hele dag had ik buikpijn, maar ik liet dat niet merken. Toen ik een hap naar binnen wou spelen, voelde ik dat het toch niet ging. Ik rinkelde Aagje (mijn baas) op. Zij rinkelde me even later terug en ik nam op. Niet lang, want voor ik het zelf besefte, kwam er een opwelling vanuit mijn maag naar boven. Snel speelde ik de telefoon door naar Maxim. Ik haaste me naar een plaats waar niet iedereen mijn zieke ik kon zien. Daar viel ik neer op de grond (gelukkig in het zand). Deels spartelend van de pijn in mijn buik. De zon in mijn ogen ergerde me, alsof ik niet ellendig genoeg was.
Mijn vriend had me zien vallen en kwam aangesneld. Hij zag meteen dat het niet pluis was en vroeg wat er scheelde. Nadien trok hij me recht en ondersteunde me tot aan de bakfiets. Al het materiaal werd er uitgehaald en bij de enige persoon gezet die er nog rondliep, een meisje van Natagora (de Waalse versie van Natuurpunt). Maxim dropte me in de fietsbak en al snel kwamen er mensen ter hulp. Ik kreeg een nat doekje van een vriendelijke mevrouw dat diende voor op mijn hoofd te leggen. Gelukkig was het groot genoeg dat het mijn ogen bedekte, want steeds was er die vervloekte zon.
Hup, startversnelling. Een hele race naar beneden, doorheen de paaltjes. Moet waarschijnlijk een grappig zicht geweest zijn, ik die met mijn benen uit de fietsbak hing en een haastige maxim die naar beneden snelde met deze driewieler. Gelukkig was deze fiets gisteren gerepareerd, dacht ik bij mezelf.
Eindelijk waren we er, het infocentrum aan het zwin. Hier kon de zon mijn gezicht niet raken.
Ik wilde zo snel mogelijk naar het toilet. Niet te snel, want anders viel ik, ik kon amper op mijn benen staan. Mijn liefje ondersteunde me. Aangekomen, ik zag mezelf in de spiegel. Hoe kon het? Vanmorgen zag ik zo bruin en nu zag ik lijkbleek. Een levensvraag van mezelf werd opgelost. Je kon dus bleek zien al ben je bijna chocoladebruin.
Ik bedacht me, ik wou niet naar het toilet. Ik bedacht me niet echt, ik moest gewoon liggen. Mijn liefje bracht me naar buiten en legde me daar in het gras. Een hulpvaardige vrouw kwam helpen. Ze zei dat ze een dokter ging zoeken hier in het reservaat. Maxim was de hulpdiensten aan het bellen terwijl ze vertrok. Ik zei dat het niet nodig was, maar ergens wou ik gewoon van mijn pijn af.
Aan de lijn leken ze nog hysterischer dan mezelf, hoorde ik achteraf. Mijn liefje bleef kalm, maar zij waren steeds aan het zeggen om kalm te blijven.
Even later kwam de vrouw terug, nadat ik al besprenkeld was met water door voorbijgangers die dachten dat ik een epilepsieaanval kreeg. Kon ik er aan doen dat ik zo hard wou tegenstribbelen tegen die buikpijn.
De aankomst van de vrouw betekende wel dat mijn liefje zijn telefoongesprek met de hulpdiensten stopzette. Ze zei namelijk dat er een verpleegster aanwezig was. Hup we gaan daar naartoe. De twee lieverds ondersteunden mij.
Daar aangekomen, herkende ik het huis. Het was van de klusjesman die gisteren onze band hersteld had. Zijn vrouw was de verpleegster. Twee engelen die hier woonden zeg. De verpleegster kwam me te hulp met een blikje cola en legde me in de schaduw. Al snel beterde ik.
Na een vriendelijk afscheid van drie hulpvaardige mensen, bracht mijn liefje me naar de auto. Hij was vastberaden om te verzorgen. Hij belde naar de baas en zei dat hij er mee stopte voor vandaag en dat hij met mij mee ging naar het appartement om me te verzorgen, dit was zeker geen vraag.
Zo gingen we dan naar het appartement, waar hij me inderdaad goed verzorgde.

De volgende dag ging ik weer werken. Wat er gebeurd was, weet ik niet goed. Wat ik wel weet, is dat ik me beter voelde. Van de mensen die elke dag op de bankjes gingen zitten, kreeg ik te horen dat ik niet meer flauw mocht vallen.
Hehe wat een avontuur en wat een held die ik aan mijn zij heb.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s